Onderstaande printversie van het indicatorenboek werd door uw browser gegenereerd, en zal niet steeds optimaal ogen. Via de ingebouwde printfunctie op de website van het Indicatorenboek (ronde knop rechts bovenaan) kan u een printvriendelijke PDF genereren met mooi ogende lay-out.
3.1.1 Instroom in het Vlaamse hoger onderwijs
In het academiejaar 2023-2024 stroomden 55.845 generatiestudenten in het Vlaamse hoger onderwijs in. Bijna 60% van deze generatiestudenten (32.981 generatiestudenten of 59,1%) zijn gestart aan een hogeschool. Van deze generatiestudenten startten 5.778 studenten (of 17,5%) in een graduaatsopleiding, 26.016 studenten (of 78,9%) in een professionele bacheloropleiding en 1.187 studenten (of 3,6%) in een academische bacheloropleiding (1.094 generatiestudenten in een kunstopleiding en 93 in de Hogere Zeevaartschool). Met ingang van het academiejaar 2013-2014 zijn de vroegere academisch gerichte hogeschoolopleidingen geïntegreerd in de universiteiten. De enige uitzonderingen hierop zijn 1) de academische kunstopleidingen, zijnde de opleidingen in de studiegebieden Muziek en podiumkunsten en Audiovisuele en beeldende kunst die binnen een hogeschool ondergebracht zijn in een School of Arts en 2) de opleidingen in het studiegebied Nautische wetenschappen aangeboden door de Hogere Zeevaartschool.
De universiteiten trokken 40,9% (of 22.864 generatiestudenten) aan van het totale aantal generatiestudenten.
Figuur 1 geeft de evolutie weer van het aantal generatiestudenten in de bacheloropleidingen over de periode 2012-2013 tot en met 2023-2024, opgesplitst naar professionele bacheloropleidingen (PBA), academische bacheloropleidingen (ABA), graduaatsopleidingen (GRAD) en totaal. Het betreft hier de actieve inschrijvingen van generatiestudenten, zijnde inschrijvingen waarvoor de student niet is uitgeschreven in de loop van het academiejaar.
Bekeken over de gehele periode is het aantal generatiestudenten in de bacheloropleidingen met 3,53% toegenomen (van 45.730 generatiestudenten in het academiejaar 2012-2013 naar 50.067 in 2023-2024). De evolutie van het aantal generatiestudenten bij de academische bacheloropleidingen is enigszins verschillend van deze bij de professionele bacheloropleidingen. De academische bacheloropleidingen kenden een gestage toename vanaf het academiejaar 2015-2016 (van 20.519 generatiestudenten in 2014-2015 naar 24.051 generatiestudenten in 2023-2024 of +17,2%). Bij de professionele bacheloropleidingen zag men een toename van het aantal generatiestudenten tot en met het academiejaar 2016-2017 (26.992 generatiestudenten), en daarna een lichte, continue afname (24.379 generatiestudenten in het academiejaar 2021-2022). Vanaf het academiejaar 2022-2023 en vooral vanaf 2023-2024 is er opnieuw een toename van het aantal generatiestudenten (26.016 generatiestudenten).
Figuur 1. Evolutie van het aantal generatiestudenten in het hoger onderwijs
Bron: Databank Hoger Onderwijs
De verhouding van het aantal generatiestudenten in het Vlaamse hoger onderwijs ten opzichte van het aantal achttienjarigen woonachtig in Vlaanderen geeft een indicatie van de participatie aan het hoger onderwijs. De hier gehanteerde cijfers omvatten het aantal achttienjarigen in het Vlaams Gewest + 20% van het aantal achttienjarigen woonachtig in het Brussels Gewest. In het academiejaar 2023-2024 was de verhouding van het totaal aantal generatiestudenten in het Vlaamse hoger onderwijs ten opzichte van het aantal achttienjarigen 71,7%. In het academiejaar 2012-2013 bedroeg deze relatieve deelname aan het hoger onderwijs 62,15%, in 2018-2019 65,01%. De sterke stijging vanaf het academiejaar 2019-2020 is te wijten aan het meenemen van de generatiestudenten uit het hoger beroepsonderwijs (graduaten en HBO5-opleidingen in afbouw aan de hogescholen).
Opgesplitst naar soort opleiding bedroeg in het academiejaar 2023-2024 de verhouding van het aantal generatiestudenten ten opzichte van het aantal Vlaamse achttienjarigen voor de professionele bacheloropleidingen 33,4%, voor de academische bacheloropleidingen 30,9% en voor de opleidingen in het hoger beroepsonderwijs 7,4%.
In het hoger beroepsonderwijs koos in het academiejaar 2023-2024 bijna de helft van het aantal generatiestudenten (43,4% of 2.510 studenten) voor een graduaatsopleiding in het studiegebied Handelswetenschappen en bedrijfskunde. 22,8% van de generatiestudenten (1.315 studenten) koos voor een graduaatsopleiding in het studiegebied Sociaal-agogisch werk en 21,9% (of 1.263 studenten) schreef zich in voor een graduaatsopleiding in het studiegebied Industriële wetenschappen en technologie.
Bij de professionele bacheloropleidingen koos in het academiejaar 2023-2024 meer dan een vierde van het aantal generatiestudenten (27,6% of 7.191 generatiestudenten) voor een bacheloropleiding in het studiegebied Handelswetenschappen en bedrijfskunde. Het studiegebied Industriële wetenschappen en technologie kwam op de 2de plaats, met 5.503 generatiestudenten (21,2%). Dit studiegebied kende in het academiejaar 2021-2022 een sterke toename van het aantal generatiestudenten. Deze toename is wellicht voor een groot deel te wijten aan het verschuiven van de bacheloropleiding Toegepaste Informatica van het studiegebied Handelswetenschappen en bedrijfskunde naar het studiegebied Industriële wetenschappen en technologie. Het studiegebied Gezondheidszorg staat op de derde plaats voor het aantrekken van generatiestudenten (4.017 in 2023-2024). Dit studiegebied kende een groei tot en met het academiejaar 2016-2017, vanaf het academiejaar 2017-2018 nam het aantal generatiestudenten in dit studiegebied gestaag af (van 4.984 in 2016-2017 naar 3.786 in 2022-2023) en kent in 2023-2024 een toename tot 4.017 generatiestudenten. In het studiegebied Onderwijs, dat op een gedeelde 4de plaats komt met het studiegebied Sociaal-agogische wetenschappen, stelde men een lichte toename vast van het aantal generatiestudenten in de academiejaren 2019-2020 (3.853 generatiestudenten) en 2020-2021 (3.980 generatiestudenten), gevolgd door een afname van het aantal generatiestudenten naar 3.465 in het academiejaar 2021-2022. Vanaf 2022-2023 is er opnieuw een toename van het aantal generatiestudenten tot 3.752 in 2023-2024 (14,4%).
Figuur 2 geeft voor de professionele bacheloropleidingen de studiegebieden weer met meer dan 1.000 generatiestudenten, en dit zowel voor het academiejaar 2012-2013 als voor 2023-2024.
Figuur 2. Generatiestudenten professionele bachelors
Bron: Databank Hoger Onderwijs
Van de generatiestudenten die in het academiejaar 2023-2024 instroomden in een academische bacheloropleiding aan een universiteit kozen 2.756 studenten (of 12,1%) voor een opleiding in het studiegebied Rechten, notariaat en criminologische wetenschappen. Het studiegebied Economische en toegepaste economische wetenschappen is het tweede populairste studiegebied: in 2023-2024 kozen 2.337 generatiestudenten (of 10,2%) voor een opleiding in dit studiegebied. Het studiegebied Psychologie en pedagogische wetenschappen komt op de derde plaats en trok in het academiejaar 2023-2024 1.816 generatiestudenten aan (= 7,9% van het aantal generatiestudenten in een academische bacheloropleiding).
Figuur 3 geeft voor de academische bacheloropleidingen de studiegebieden weer met meer dan 1.000 generatiestudenten, en dit zowel voor het academiejaar 2012-2013 als voor 2023-2024.
Figuur 3. Generatiestudenten academische bachelors
Bron: Databank Hoger Onderwijs
Figuur 3a. Generatiestudenten graduaatsopleiding
Bron: Databank Hoger Onderwijs
Tabel 1 geeft voor de generatiestudenten vanaf het academiejaar 2021-2022 het aantal inschrijvingen weer in de STEM-richtingen en de niet STEM-richtingen, en dit zowel voor de graduaatsopleidingen van het hoger beroepsonderwijs (GRAD), de professionele bacheloropleidingen (PBA) en de academische bacheloropleidingen (ABA). Vanaf het academiejaar 2021-2022 wordt er voor de STEM-opleidingen op een andere manier gerapporteerd, namelijk volgens Eurostat (op basis van ISCED Field of Study). Een vergelijking met de vorige academiejaren is dan ook niet mogelijk. Vanaf academiejaar 2021-2022 stellen we een stagnering vast van het aantal inschrijvingen in STEM-opleidingen. In de professioneel gerichte bachelor is er een lichte toename, in de graduaatsopleiding is het percentage STEM-inschrijvingen stabiel en in de academisch gerichte bachelor is er een lichte afname van het aandeel inschrijvingen in STEM-opleidingen.
Tabel 1. Aantal en aandeel inschrijvingen vanaf academiejaar 2021-2022 van de generatiestudenten in STEM en niet-STEM studierichtingen
| Aantal inschrijvingen | Aantal STEM | Aantal Niet- STEM | % STEM HO | ||
|---|---|---|---|---|---|
| 2021-2022 | PBA | 24379 | 4457 | 19922 | 18,3% |
| GRAD | 4.664 | 1.717 | 2.947 | 36,8% | |
| ABA | 22.965 | 5.452 | 17.513 | 23,7% | |
| totaal | 52.008 | 11.626 | 40.382 | 22,4% | |
| 2022-2023 | PBA | 24.411 | 4.712 | 19.922 | 19,3% |
| GRAD | 5.287 | 1.983 | 2.947 | 37,5% | |
| ABA | 23.580 | 5.513 | 17.513 | 23,4% | |
| totaal | 53.278 | 12.208 | 40.382 | 22,9% | |
| 2023-2024 | PBA | 26.016 | 5.046 | 19.922 | 19,4% |
| GRAD | 5.778 | 2.120 | 2.947 | 36,7% | |
| ABA | 24.051 | 5.558 | 17.513 | 23,1% | |
| totaal | 55.845 | 12.724 | 40.382 | 22,8% | |
| Aantal inschrijvingen | Aantal STEM | Aantal Niet- STEM | % STEM HO | ||
|---|---|---|---|---|---|
| 2021-2022 | PBA | 24379 | 4457 | 19922 | 18,3% |
| GRAD | 4.664 | 1.717 | 2.947 | 36,8% | |
| ABA | 22.965 | 5.452 | 17.513 | 23,7% | |
| totaal | 52.008 | 11.626 | 40.382 | 22,4% | |
| 2022-2023 | PBA | 24.411 | 4.712 | 19.922 | 19,3% |
| GRAD | 5.287 | 1.983 | 2.947 | 37,5% | |
| ABA | 23.580 | 5.513 | 17.513 | 23,4% | |
| totaal | 53.278 | 12.208 | 40.382 | 22,9% | |
| 2023-2024 | PBA | 26.016 | 5.046 | 19.922 | 19,4% |
| GRAD | 5.778 | 2.120 | 2.947 | 36,7% | |
| ABA | 24.051 | 5.558 | 17.513 | 23,1% | |
| totaal | 55.845 | 12.724 | 40.382 | 22,8% | |
| Aantal inschrijvingen | Aantal STEM | Aantal Niet- STEM | % STEM HO | ||
|---|---|---|---|---|---|
| 2021-2022 | PBA | 24379 | 4457 | 19922 | 18,3% |
| GRAD | 4.664 | 1.717 | 2.947 | 36,8% | |
| ABA | 22.965 | 5.452 | 17.513 | 23,7% | |
| totaal | 52.008 | 11.626 | 40.382 | 22,4% | |
| 2022-2023 | PBA | 24.411 | 4.712 | 19.922 | 19,3% |
| GRAD | 5.287 | 1.983 | 2.947 | 37,5% | |
| ABA | 23.580 | 5.513 | 17.513 | 23,4% | |
| totaal | 53.278 | 12.208 | 40.382 | 22,9% | |
| 2023-2024 | PBA | 26.016 | 5.046 | 19.922 | 19,4% |
| GRAD | 5.778 | 2.120 | 2.947 | 36,7% | |
| ABA | 24.051 | 5.558 | 17.513 | 23,1% | |
| totaal | 55.845 | 12.724 | 40.382 | 22,8% | |
Bron: Databank Hoger Onderwijs
Van de generatiestudenten die in het academiejaar 2023-2024 instroomden in het Vlaamse hoger onderwijs zijn er ongeveer 54% vrouwelijke studenten en 46% mannelijke studenten. Deze verhouding is de laatste 10 jaar ongeveer constant gebleven. Bij de professionele bacheloropleidingen was in het academiejaar 2023-2024 de man-vrouw verhouding 43,8% versus 56,2%, bij de academische bacheloropleiding 45,2% versus 54,8%. In het hoger beroepsonderwijs krijgt men een enigszins anders beeld. Bij de generatiestudenten was de man-verhouding 59,7% - 40,3%. Enkel het studiegebied Sociaal-agogisch werk kende bij de graduaatsopleidingen een overwegend vrouwelijke instroom van generatiestudenten (75,4%), in alle andere studiegebieden stromen meer mannelijke dan vrouwelijke generatiestudenten in.
De verhouding vrouwelijke generatiestudenten ten opzichte van het aantal vrouwelijke achttienjarigen woonachtig in Vlaanderen en Brussel bedroeg in het academiejaar 2023-2024 80,0%, voor de mannelijke generatiestudenten ten opzichte van het aantal mannelijke achttienjarige was dit percentage 63,9%. Er participeren verhoudingsgewijs beduidend meer vrouwelijke achttienjarigen aan het hoger onderwijs dan mannelijke.
Figuur 4, die zowel voor de professionele, de academische opleidingen en voor de graduaatsopleidingen de genderverhouding voor de studiegebieden met het grootst aantal generatiestudenten in het academiejaar 2023-2024 weergeeft, geeft duidelijk aan dat er grote genderverschillen tussen de studiegebieden bestaan. Bij de professionele bacheloropleidingen trekken de studiegebieden Gezondheidszorg, Onderwijs en Sociaal-agogisch werk hoofdzakelijk vrouwelijke generatiestudenten aan. In het studiegebied Industriële wetenschappen stromen overwegend mannelijke generatiestudenten in. Ook bij de academische opleidingen zijn er grote verschillen in de man/vrouw verhouding tussen de studiegebieden. Zo trekken de studiegebieden Industriële wetenschappen en technologie, Toegepaste wetenschappen, Wetenschappen en Economische en toegepaste economische wetenschappen een overwegend mannelijk studentenpubliek aan. In het studiegebied Psychologie en pedagogische wetenschappen stromen overwegend vrouwelijke generatiestudenten in.
Figuur 4a. Genderverhouding generatiestudenten professionele bachelor 2023-2024
Bron: Databank Hoger Onderwijs